Waar mijn vader na zijn dood ook naartoe gegaan is, het angstzweet zal hem nog wel eens uitbreken als hij denkt aan de seksuele voorlichting die hij zijn enige kind moest geven. Goh, wat was dat ongemakkelijk voor hem. En voor mij. Uiteindelijk gaf hij me een of ander saai boekje met suffe tekeningen.
Daar moest ik weer aan denken toen enkele weken geleden onze 8-jarige pleegzoon het ook tijd vond om seksueel getinte vragen te gaan stellen en opmerkingen in die richting ging maken. Als debuterend opvoeder was dat het enige onderwerp waar ik echt tegenop zag.
‘Mama, je moet nú komen. Het is helemaal mis,’ snikschreeuwde mijn zoon door de telefoon. Wreed verstoord uit mijn semi-erotische dromen over Italiaanse maffiosi, schoot ik mijn bed uit en rende zo snel mogelijk naar de ingang van onze camping iets buiten Palermo.
Ik zit bijna te klappertanden van de zenuwen. Veel te laat bedenk ik dat het niet zo slim was om een polyester trui aan te doen. Ik zweet nu al zo erg dat ik bang ben dat de meisjes aan de andere kant van de foyer het ruiken. De posters van de audities voor Rocco Junior hingen al een maand van tevoren in de school. Tot het laatste moment twijfelde ik of ik wel echt wilde gaan.
Wij zitten met J/M op dezelfde verdieping als het vrouwelijke opinieblad Opzij en delen met hen een printer die op het niemandsland in de gang staat. Hier viel mijn oog op een conceptartikel dat binnenkort bij onze buren verschijnt over mannen die met hun kinderen gingen boomklimmen in het Amsterdamse Bos. Dat heb ik laatst ook met veel plezier met m’n eigen dochter gedaan en dus las ik verder.
‘Hoe was het?’ vroeg ik toen hij op zijn eerste schooldag om één minuut over drie naar buiten kwam lopen met juffrouw Janneke en de rest van groep 3 en 4.
Wie heeft ooit bedacht dat kinderen in de zomer zes weken vakantie nodig hebben? En hoe komen ouders die allebei een baan hebben die tijd door? Vragen die ik mezelf eerder nooit gesteld had in mijn kinderloze leven. Maar nu was er opeens onze pleegzoon en leken die zes weken op een berg van de eerste categorie, bijna onbedwingbaar. Ook omdat ik zelf geen vrij kon nemen, want toen we op mijn werk de vakanties verdeelden, hadden mijn vrouw en ik nog geen pleegzoon.
Tijdens een gezamenlijke vakantieweek met zes gezinnen gaan we altijd één avond alleen met de mannen uit. Ook dit jaar weer. De huisbaas adviseerde een knoflookrestaurant waar we 8 gangen met veel wijn en grappa naar binnen werkten. Ik was de bob, dus ik kan de discussies achteraf nog goed reconstrueren.
Het is dinsdag het eerste uur. Slechts weinigen uit 3E zijn al helemaal wakker. We zitten bij Nederlands en hebben aan het begin van dit jaar de meest inspirerende docent van het hele team toegewezen gekregen. Mijnheer H. Leraar houdt ervan om onze algemene ontwikkeling te verruimen met anekdotes uit zijn tijd als steward en –misschien nog wel interessanter- het opsommen van de voordelen van zijn Apple-laptop (‘Het meest doordachte stukje techniek tot nu toe…’). Zo brengen wij het uur in A2-3 door. De kwieksten onder ons zijn druk bezig met sms’jes aan elkaar te sturen en de luie laatslapers zijn gedurende het hele uur verzonken in diepzinnige gedachten met hun hoofd steunend op hun handpalmen.
Onze buren aan de linkerkant zijn een blank echtpaar met vier ontzettend leuke blonde kinderen. De jongste van die vier, Willem, is een leeftijdgenoot van onze pleegzoon. Het contact verliep in het begin een beetje moeizaam. Vanaf ons balkon stond onze 8-jarige kleine man, die inmiddels door mijn vrouw steevast aangesproken wordt met ‘Koekie’, vaak naar hun tuin te kijken en dan vooral naar de overrompelend grote trampoline. Springen op die trampoline werd eerst een droom en daarna een obsessie.